Januari

waar dagen
weken worden
zullen maanden
vanzelf vliegen

Toen was januari bijna verleden tijd. Alsof het niets is vliegen dagen, waardoor ik hoop dat ook het virus ooit voorbij vliegt.

Verspreiden

roddels verspreiden
zonder adem te halen
om zonder aandacht
zielloos rond te dwalen
maar iedereen ziet
door alle verhalen
het leven zal snel
moeiteloos kielhalen
eenmaal in de duisternis
zal niemand jou onthalen

De realiteit is een nachtmerrie

Zolang als ik me kan herinneren ben ik een schepsel dat veel en levendig droomt. Met veel bedoel ik meerdere dromen per avond, of dezelfde droom die zich op pauze laat zetten, om zich dan te herhalen. De details kan ik zonder moeite spuwen en ik droom altijd in kleur. Ook kan ik dingen die je niet hoort te kunnen in een droom. Lezen, schrijven, klokkijken, ruiken, proeven, voelen, het is voor mij heel normaal. Net als onbekende zien, of een ander mens zijn als ik een reflectie zie. In dromen is voor mij niets onmogelijk, behalve het normaal dromen. Zoals ieder ander.

Lees meer »

Stoeptegelhaat

soms wil ik ook
mensen slaan
met een stoeptegel
lekker losgaan
maar ik weet
dat dit niet gaat
je komt nergens
met al dat gehaat

Jij weet het. Ik weet het. Maar de terroristen die Nederland nu al dagen bezig houden, die weten helemaal niets.

Geen begrip voor al die ondernemers waarvan ze het terras slopen. De ruiten ingooien van een eigenaar die al niet meer kan slapen van de stress. Winkels plunderen die nog niet omgevallen zijn door de economische strop die corona met zich meebracht.

Ik vraag mezelf af.. Waarom is corona niet selectiever? Waarom kiest het virus niet voor het leven van degene die niets begrijpen?

Omdat je met al dat gehaat nergens komt. Daarom.

Voor geen goud

Stel je voor, je bent postbode. Elke dag door wind en weer om vreemden blij te maken met hun pakketten. Dichte deuren die afgewisseld worden door valse honden, vrouwen met haarnetjes en schaars geklede bierbuiken. Je ziet honderden vreemden met smacht wachten totdat ze hun pakket open kunnen scheuren, terwijl jouw bestelling al dagen kwijt is. Je ligt al dagen overhoop met het leveranciersbedrijf, en mag alsnog door de zeikende motregen vreemden blij maken. Je krijgt er een hernia gratis en voor niets bij, en niemand, maar dan ook niemand, zal je ooit bedanken voor jouw snelle levering. Nee, ze smijten als dank de deur voor je neus dicht.

Er zijn beroepen die echt niets voor mij zijn. Misschien ben ik te verwend, te dom, of te passieloos om jouw droombaan uit te voeren. Net als jij het inzicht niet hebt om mijn baan op een juiste manier te volbrengen. Wat ik kan, kan jij niet. En daar ligt niemand echt wakker van. Jouw uitdaging hoeft niet een droom van mij te zijn, en zolang jij niet voor mijn voeten loopt, kunnen we best vrienden worden.

Ik zou voor geen goud politieagent willen zijn. Ik heb de drang niet om straten veiliger te maken, ten kosten van mijn eigen gezondheid. Ik wil geen boetes schrijven aan mensen die zich niet kunnen gedragen, ik zou ze liever lam willen meppen met een stoeptegel. Iets wat een agent volgens mij niet mag doen.

Voor geen miljoen, zou ik chef-kok willen zijn. Mensen plezieren met het genot van een maaltijd, terwijl je sterft van de honger. Absurde wensen krijgen, omdat het tegenwoordig mode is om een allergie te hebben, om vegan door het leven te gaan en natuurlijk, omdat het trendy is om gewoonweg lekker lastig te zijn. Ik zou ze allemaal kogelvis serveren. Verkeerd bereid. Iets wat volgens mij ook niet in dank afgenomen zal worden.

Politica is ook niets voor mij. Ik zeg altijd dat wat ik niet moet zeggen, en vaak ook nog op het verkeerde moment. Ik spreek woorden die mijn gedachten nog niet kennen. Ik zou zo mnr Trump in zijn bakkes beledigen, uitlachen en waarschijnlijk spugen. Ik zou dus verantwoordelijk zijn voor een wereldoorlog.

Hoe langer ik er stil bij sta, hoe langer de lijst wordt. Er zijn meer beroepen die niet bij mij passen, dan baantjes die mij van passie en voldoening zullen voorzien. Het is een eindeloos verhaal, en toch eentje waar ik met een reden aan begonnen ben.

Morgen begint de avondklok. En ik weet zeker, dat de lijst met beroepen die ik nooit wil beoefenen alleen maar toeneemt. Niet omdat ik een hekel aan het takenpakket zou hebben, maar wel aan het volk dat denkt dat degene die tegenover ze staat ook maar iets kan doen aan de verboden uren. Het is net zoals vakken vullen, terwijl Annie geen geduld heeft en je bijna in de bak met bananen duwt. Of Karel, die de beveiliger bij de ingang van de plaatselijke supermarkt staat uit te schelden, omdat hij zonder mondkapje niet naar binnen mag. Het zijn al die mensen die morgen weer eens uit hun dak gaan, omdat ze niet beseffen dat het probleem ligt in hun uitingen en verwachtingen van de realiteit.